Docenten

Om goed onderwijs te verzorgen is het van belang dat scholen over voldoende en kwalitatief sterke leraren beschikken. Om kwalitatieve en kwantitatieve tekorten tegen te gaan, zetten onderwijs en bedrijfsleven zich in om goede leraren en instructeurs op te leiden. Even zo belangrijk is professionalisering.

Op deze pagina vindt u informatie over zowel de onderwijs- als arbeidsmarktontwikkelingen rondom bètatechnische leraren. Qua onderwijs is te vinden hoeveel studenten instromen en diplomeren in bètatechnische lerarenopleidingen. Diplomeren betekent tevens de uitstroom richting de arbeidsmarkt.

Qua arbeidsmarkt is de omvang van het aantal gegeven bètatechnische lesuren en de ontwikkeling hiervan over de jaren te vinden. Daarnaast is krapte in kaart gebracht, middels een analyse van moeilijk vervulbare docentvacatures. Ook is er aandacht voor hybride docentschap: welk deel van de hybride docenten geeft les in bètatechniek?

Tenslotte wordt het programma ‘hybride techniekopleiders’ uitgelicht, dat bijdraagt aan opleiding van bètatechnische instructeurs.

Cijfers van instroom en gediplomeerden van lerarenopleidingen zijn afkomstig van DUO. Ruwe data zijn hier te vinden.

loading...

Aantal instromende studenten lerarenopleidingen exact/beroepsgericht

De instroom1 bij de exacte universitaire lerarenopleidingen (eerstegraads) bedroeg in 2020/21 250 studenten. Ten opzichte van tien jaar geleden is er een lichte daling waar te nemen; in 2010/11 stroomden er 272 studenten in. Op het hbo is het aantal studenten aan de exacte eerstegraads lerarenopleidingen over deze periode licht toegenomen. Van 2010/11 tot 2020/21 nam het aantal studenten toe van 179 naar 195.

Bij tweedegraads lerarenopleidingen is de instroom in de (technisch) beroepsgerichte lerarenopleiding de afgelopen tien jaar aanzienlijk gedaald: van 229 studenten in 2010/11 naar 141 studenten in 2020/21. Het aantal deelnemers in de exacte lerarenopleidingen in de tweede graad is de afgelopen tien jaar afgenomen van 1.313 in 2010/11 naar 1.137 in 2020/21.

 
  • 1. De indeling van lerarenopleidingen is in 2021 herzien. In de nieuwe draaitabel is de vernieuwde indeling te vinden en gebruiken.
loading...

Verhouding instroom betatechnische lerarenopleidingen en betatechnische opleidingen

Als de instroom in bètatechnische lerarenopleidingen wordt vergeleken met de instroom in bètatechnische opleidingen1, is te zien dat de lerarenopleidingen relatief minder populair worden. In 2010/11 koos 6,0% voor een bètatechnische tweedegraads lerarenopleiding, in 2020/21 was dit nog maar 4,0%. Bij de eerstegraads bètatechnische lerarenopleidingen was de daling nog sterker: van 5,1% in 2010/11 naar 2,3% in 2020/21.

 

.

  • 1. Het percentage is berekend door instroom in bètatechnische lerarenopleidingen te delen door de som van instroom in bètatechnische opleidingen en bètatechnische lerarenopleidingen. Er is een uitsplitsing gemaakt naar bachelor (tweedegraads) en master (eerstegraads).
loading...

Aantal gediplomeerden lerarenopleidingen exact/beroepsgericht

Het aantal gediplomeerden bij de exacte universitaire lerarenopleidingen bedroeg in 2019/20 206 studenten. Ten opzichte van tien jaar geleden is dit aantal nagenoeg gelijk gebleven: in 2009/10 behaalden 201 studenten hun diploma. Op het hbo is het aantal gediplomeerde studenten van de exacte eerstegraads lerarenopleidingen de afgelopen tien jaar toegenomen: van 2009/10 tot 2019/20 nam het aantal gediplomeerde studenten toe van 96 naar 163.

Bij tweedegraads lerarenopleidingen is het aantal gediplomeerden in de (technisch) beroepsgerichte lerarenopleiding afgelopen tien jaar aanzienlijk gedaald: van 216 studenten in 2009/10 naar 95 studenten in 2019/20. Het aantal gediplomeerden in de exacte lerarenopleidingen in de tweede graad is de afgelopen tien jaar toegenomen van 489 in 2009/10 naar 656 in 2019/20.

loading...

Verhouding gediplomeerden betatechnische lerarenopleidingen en betatechnische opleidingen

Bij vergelijking van gediplomeerden in bètatechnische lerarenopleidingen met  gediplomeerden in bètatechnische opleidingen1, is eveneens terug te zien dat de lerarenopleidingen relatief minder populair worden. In 2009/10 diplomeerde 5,7% in een bètatechnische tweedegraads lerarenopleiding, dit steeg vervolgens naar 6,9% in 2011/12 en daalde naar 4,9% in 2019/20. Bij de eerstegraads bètatechnische lerarenopleidingen diplomeerde 4,1% in 2009/10; dit steeg naar 5,0% in 2010/11 en daalde vervolgens naar 2,7% in 2019/20.

 
  • 1. Het percentage is berekend door gediplomeerden in bètatechnische lerarenopleidingen te delen door de som van gediplomeerden in bètatechnische opleidingen en bètatechnische lerarenopleidingen. Er is een uitsplitsing gemaakt naar bachelor (tweedegraads) en master (eerstegraads).
loading...

% betatechnische lesuren gegeven door vrouwen

In 2019 werden op vmbo, havo en vwo 314.117 bètatechnische lesuren gegeven door 30.122 personen1. Het aandeel bètatechnische lesuren onder alle gegeven lesuren in het voortgezet onderwijs is tussen 2008 en 2019 rond de 27%.2 In de grafiek is te zien dat hoewel er meer mannen dan vrouwen bètatechnische lessen geven, de afgelopen jaren het aandeel vrouwen flink is gestegen.3 In 2008 werd 26% van de bètatechnische lesuren door een vrouw gegeven, in 2019 is dat 37%.

Van een selectie van vakken, de algemeen voortgezet onderwijsvakken (AVO-vakken) zijn eveneens cijfers beschikbaar van peildatum 2019.4 In de bètatechnische AVO-vakken zijn in 2019 265.940 lesuren gegeven op vmbo, havo en vwo. Dit is 29% van de gegeven lesuren van de AVO-vakken. Het aandeel bètatechnische lesuren onder de AVO-vakken was vrij stabiel in de periode 2008 tot 2019: het schommelde tussen de 29% en 30%. 

  • 1. De meest recente cijfers zijn van peildatum 2019. Bron cijfers: DUO open onderwijsdata. Lesgevend personeel in het vo en Gegeven lesuren in het vo. Docentenaantallen zijn gemeten per vak; wanneer een docent zowel wiskunde als natuurkunde geeft, wordt hij/zij twee keer meegeteld. Dit getal bevat dus dubbeltellingen.
  • 2. Onder niet-bètatechnische lesuren vallen talen, culturen, maatschappij, gamma-vakken, lichamelijke opvoeding, loopbaanbegeleiding etc.
  • 3. Bij DUO zijn geen gegevens bekend van de jaartallen 2010 en 2012. Om die reden zijn deze leeg in de grafiek.
  • 4. Bron cijfers: IPTO: bevoegdheden en vakken in het vo. De meegetelde avo-vakken zijn Duits, Engels, Frans, Klassieke talen/KCV, Nederlands; aardrijkskunde, economie, geschiedenis (en staatsinrichting), godsdienst/levensbeschouwing, maatschappijleer; lichamelijke opvoeding (LO); beeldende vorming, muziek, tekenen, biologie, natuurkunde, natuur/scheikunde, scheikunde, techniek en wiskunde. De laatste zes worden gerekend tot de bètatechnische vakken.
loading...

Moeilijk vervulbare vacatures BÈTA-, ICT- EN TECHNIEKDOCENTEN mbo en vo

Bètatechnische leraren worden vaak gevraagd in pedagogische vacatures. Onder de tien meest voorkomende vacatures voor leraren vallen tweedegraads docenten wiskunde, natuurkunde en biologie.1

Naast aantallen vacatures, is gemeten of vacatures moeilijk vervulbaar zijn. Het UWV heeft vastgesteld dat het lastig is docenten te vinden voor natuurkunde, scheikunde, wiskunde, ICT en technische vakken.2

Uit enquêtedata van de Arbeidsmarktbarometer 2019/20 kan worden geschat dat 27% van de docentvacatures in het vo en mbo moeilijk vervulbaar is.3 In de grafiek is te zien dat met name vacatures voor ICT-docenten moeilijk vervulbaar zijn (50%). 

HYBRIDE DOCENTEN

Een van de manieren om de aansluiting tussen onderwijs en de arbeidsmarkt te verbeteren, is het stimuleren van hybride docentschap. Hybride docenten zijn professionals die een baan in het onderwijs combineren met een andere baan, via detachering, met twee contracten of als zelfstandige ondernemer. Het maakt daarbij niet uit voor hoeveel uur degene dit doet, en of hij/zij dit doet in primair onderwijs, voortgezet onderwijs, mbo, hbo of universiteit. In Nederland zijn er ongeveer 46.000 mensen hybride docent.1 Slechts 4,3% hiervan combineert zijn/haar onderwijsbaan met een baan in de technische sector. Van het totaal aantal technici in Nederland combineert 1 op de 2.500 een baan in de technische sector met een baan in het onderwijs.

Scholingstraject Hybride Techniekopleiders

Al jaren is er behoefte aan meer praktijkkennis binnen het onderwijs zodat opleidingen beter aansluiten bij het bedrijfsleven. Bovendien gaan veel docenten in het (v)mbo de komende jaren met pensioen waardoor kennis verloren gaat. Om dit kwalitatieve maar ook kwantitatieve knelpunten te verminderen, bieden de technische opleidings- en ontwikkelfondsen Wij Techniek, A+O Metalektro en OOM een uniek scholingstraject aan voor medewerkers binnen hun branches. Via een op maat gemaakt onderwijskundig programma, verzorgd door verschillende hogescholen, leren de medewerkers stap voor stap hoe ze hun praktijkkennis en -ervaring aan jongeren overdragen. Een intensiever contact met scholen heeft ook voordelen voor bedrijven; denk bijvoorbeeld aan een beter inzicht in lesprogramma's en de capaciteiten van leerlingen, maar ook verdere professionalisering van de begeleiding van medewerkers in het bedrijf. Na afronding van het scholingstraject behalen de deelnemers het Pedagogisch Didactisch Diploma; een goede kwalificatie om als hybride techniekopleider ingezet te kunnen worden in het (v)mbo.

De scholingstrajecten worden in het hele land1 aangeboden. Sinds de start van deze trajecten in 2016 hebben 130 technici het traject afgerond. In schooljaar 20/21 doen meer dan 100 deelnemers mee. Meer informatie is te vinden op de websites van Wij Techniek (https://www.wij-techniek.nl/goed-werkgeverschap/praktijkopleider/hybride-techniekopleider/), OOM (https://www.oom.nl/Hulp-en-advies/Voor-de-praktijkopleider/Hybride-techniekopleider) en A+O Metalektro (https://www.ao-metalektro.nl/aanbod/hybride-techniekopleider/).

  • 1. Gelderland-Overijssel, Noord-Nederland, Midden Nederland, Noord-Holland, Zuid-Holland, Zeeland, Brabant en Limburg.